Missie en visie | Strategische doelstellingen
Missie

Het Regionaal Technologisch Centrum West-Vlaanderen wil in de provincie West-Vlaanderen hét samenwerkingsplatform zijn tussen onderwijs, arbeidsmarktactoren en de ondernemerswereld ter ondersteuning en ontwikkeling van innovatieve, technische en technologische projecten en opleidingen.
Dit ten voordele van zowel onderwijs als economie en door middel van een effectief en doeltreffend gebruik van menselijke middelen, infrastructuur en apparatuur.
Visie
Het RTC West-Vlaanderen wil zijn missie waarmaken door zijn werking te verstevigen en uit te
breiden met een visie die gebaseerd is op 4 pijlers of basisprincipes
A. Engagement en betrokkenheid van alle spelers en partners (cfr. ‘platformfunctie’)
Het onderwijs en de industrie of het bedrijfsleven in contact en in verbinding brengen met
elkaar. Dit onder één platform en als evenwaardige partners.
Alle West-Vlaamse organisaties uit onderwijs- en bedrijfsleven die van toepassing zijn voor
het RTC trachten te betrekken bij de werking.
Van de spelers wordt een engagement verwacht en geen vrijblijvende samenwerking.
Een win-win-situatie betekenen voor alle partners: bedrijven voor scholen en scholen voor
bedrijven. Dit ten dienste van het optimaal benutten van (bestaande) apparatuur en kennis.
Uit de samenwerking tussen scholen en bedrijven niet alleen trachten samen te werken voor
RTC-projecten, maar ook bijkomende voordelen trachten te creëren voor alle partijen
(stages,
GIP’s, mentorschap…).
B. Effectiviteit van alle financiële middelen (cfr. ‘infrastructuur’)
De meerwaarde voor de leerlingen (en cursisten) staat centraal.
Bij het opstellen van actieplannen steeds rekening houden met de noden en behoeftes van
onderwijs en sectoren/bedrijven. Er is de omgevingsanalyse, maar er moet ook beroep
gedaan worden op diepgaande kennis van experts.
Bij de voorbereidingen van een project wordt een kosten-batenanalyse opgemaakt; de
investeringen en kosten moeten steeds ten goede komen van voldoende (of zo veel mogelijk)
leerlingen en cursisten. Projecten worden in iedere fase begeleid door o.a. de Raad van Bestuur.
Evaluatie en zelfevaluatie: na ieder jaar en in iedere fase van een project!
C. Effectiviteit van alle menselijke middelen (cfr. ‘werkplekleren & nascholing’)
Door een buttom-up benadering wordt er zoveel mogelijk rekening gehouden met de noden
en behoeftes van mensen uit het ‘veld’. Dit gebeurt o.a. via de werkgroepen.
Concrete acties en doelgerichte activiteiten en niet verzinken in onnodig overleg.
Investeren in ‘menselijk kapitaal’, zodat o.a. de kennis van leerkrachten up-to-date blijft.
Bij ieder RTC-project kan geïntegreerd gewerkt worden rekening houdend met thema’s zoals
vormgeving en design, milieu, veiligheid, attitude….
Evaluatie en zelfevaluatie: na ieder jaar en in iedere fase van een project!
D. Transparante, duidelijke en brede communicatie (cfr ‘promotie’ – marketingplan)
Prioritaire communicatie met alle West-Vlaamse secundaire scholen met TSO-, BSOstudierichtingen
harde sector én communicatie met alle West-Vlaamse secundaire scholen met TSO-, BSO-
studierichtingen zachte sector, BuSO-scholen, hogescholen en universiteiten, centra voor
volwassenenonderwijs, andere opleidingsorganisaties….
Communicatie met bedrijven, sectoren, werkgever- en werknemersorganisaties.
Extra initiatieven lanceren om de bedrijfswereld te betrekken.
Eerlijke en volledige informatieverstrekking naar alle belanghebbenden en dit vanaf de start.
Duidelijke en concreet omschreven informatie, afspraken, verwachtingen…
Communicatie via verschillende media (bijv. (nieuws)brieven, artikels, website,
infovergaderingen…) en via verschillende kanalen (bijv: directie, TAC’s / TA’s en leerkrachten
of directie, kaderpersoneel en arbeiders).
|